Het liefst zien we kinderen die enkel genieten van het leven. Toch is dat niet altijd mogelijk. Ook kinderen krijgen te maken met verdriet. Klein verdriet omdat ze zijn gevallen of om de knuffel die zoek is. Maar ook groot verdriet omdat een dierbaar persoon is overleden.

Onze eerste impuls: een kind afschermen van dit verdriet. Het helpt echter om kinderen er juist wèl bij te betrekken, hen goed voor te bereiden op wat ze te zien krijgen en eerlijk en duidelijk op vragen te antwoorden. Dit voorkomt dat het kind gaat fantaseren want dat kan veel erger zijn dan de werkelijkheid. Op zo’n manier afscheid nemen van opa, oma, vader, moeder of andere dierbaren is voor een kind letterlijk van levensbelang. Erbij aanwezig zijn en iets doen kan heel troostend werken.

Maar hoe benader je kinderen? Wat vertel je wel en wat vertel je niet? Om ouders hierbij behulpzaam te zijn, heb ik verschillende boekjes die u kunt lenen. Hierin wordt bijvoorbeeld uitgelegd hoe kinderen de dood zien, hoe je het vertelt aan kinderen, wat er gaat gebeuren en hoe je hen hierbij betrekt.

Voor kinderen zelf heb ik speciale boeken te leen voor verschillende leeftijden; van peuter tot jong volwassene. Deze stimuleren ook tot eigen inbreng. Met kleine rituelen zoals het aansteken van de kaars, het sluiten van de kist, het voorlezen van een gedicht of het maken van muziek, kunnen kinderen een kleine, maar ook een grotere rol spelen bij de uitvaart.

In overleg met de ouders en de kinderen probeer ik de dagen rond de uitvaart zo in te richten dat ook zij op hún manier afscheid kunnen nemen.